nieuws

Wiebes moet uitleggen waarom gaswinning niet sneller naar nul kan

Publicatie

4 jul 2019

Categorie

Utilities

Soort

nieuws

Tags

aardbeving, aardgas, gaswinning Groningen

Minister van Economische Zaken en Klimaat Eric Wiebes moet beter motiveren waarom NAM de Groningse gaswinning na het huidige gasjaar 2018-2019 niet sneller kan afbouwen naar nul. Dat zegt de Raad van State. De minister maakte niet duidelijk welke inspanningen tegen welke kosten mogelijk zijn om de gasvraag van industriële grootverbruikers, de glastuinbouw en de gasexport sneller af te bouwen.

Aanleiding voor de uitspraak zijn beroepschriften van inwoners van Groningen, de Groninger Bodem Beweging, provinciale staten van Groningen en diverse Groningse gemeenten tegen het instemmingsbesluit van de minister over de gaswinning.

Snel beëindigen

Bij het bepalen van de maximale hoeveelheid gas die de NAM in het gasjaar 2018-2019 mag winnen, woog de minister het veiligheidsbelang van de Groningers en de leveringszekerheid tegen elkaar af. Bij dat veiligheidsbelang hechtte de minister veel waarde aan de beslissing van het kabinet van 29 maart 2018 om de gaswinning zo snel mogelijk te beëindigen.

Hoge eisen

Het grote belang van de veiligheid in deze afweging maakt dat de minister goed moet uitleggen op welke manier hij op zo kort mogelijke termijn een einde wil maken aan de gaswinning. En omdat hierbij de grondrechten van Groningers in het geding zijn, stelt de Raad van State hoge eisen aan deze uitleg.

Afbouw gasvraag

De motivering van de minister voldoet voor de periode ná het gasjaar 2018-2019 niet aan die hoge eisen, oordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak. De minister moet concreet duidelijk maken waarom de gaswinning in Groningen niet sneller kan worden afgebouwd. Hij deed dat niet voor de sectoren industriële grootverbruikers, glastuinbouw en gasexport. Daarom vernietigt de Afdeling bestuursrechtspraak het instemmingsbesluit van de minister.

Voor het huidige gasjaar 2018-2019 stelde de minister het gaswinningsniveau wel juist vast. De minister maakte voor dit gasjaar namelijk aannemelijk dat het winnen van minder gas grote maatschappelijke gevolgen kan hebben. Bovendien is de norm die de minister hanteert voor de berekening van de kans op het grootste veiligheidsrisico, een overlijden als gevolg van een aardbeving, voor dit gasjaar aanvaardbaar. De minister hoeft voor dit gasjaar dan ook geen lager gaswinningsniveau vast te stellen.

Bron: Raad van State